14 oktober 2008

[Ik ben een letterdoos]

Mijn eerste schrijfles zit erop. Ik ben blij dat het onderdeel vingergymnastiek binnen het vak schrijven valt want ook mijn eerste schrijfkrampaanval is een feit. Hoewel ik veel meer typ dan schrijf, ben ik het schrijven natuurlijk niet verleerd. Het begint na vijf minuten alleen gigantisch zeer te doen!

Aan mijn schrift en zaken die hiermee verband houden, schijnt helaas wel het een en ander te mankeren. Pengreep, bladpositionering, schrijfhouding, schrijfrichting, et cetera. Zelfs mijn schrijfgerei deugt niet dus vanaf nu is het gedaan met het gebruik van balpennen. Ik kan mijn vulpen uit het stof gaan vissen.

Alle letters moet ik opnieuw leren schrijven. Ik ben weer terug bij af. Hallo schrijfpapier met vier lijntjes per regel. Hallo eindeloze oefenregels. Ik moet bij elke letter nadenken wat ik doe want goed kunnen schrijven is niet alleen een praktijkeis, het is ook examenstof.

Dat bleek afgelopen dinsdag toen ik de vraag “schuin omhoog, bocht naar links, recht naar beneden, schuin omhoog, bocht naar rechts, recht naar beneden, bocht naar rechts; welke letter wordt hier beschreven?” las. Ik kreeg onmiddellijk een deja vu en hoorde in gedachten meester Piet van groep drie zeggen “schuin omhoog, recht naar beneden en een haakje”.

Iets keurig volgens de regels op papier zetten, daar is niets moeilijk aan. Maar nu gaan we bordschrijven, met krijt, zonder lijntjes en op een rechtopstaande ondergrond. Piepen is een doodzonde. Ik kan je zeggen: daar is helemaal niets vanzelfsprekend aan. Maar oefening baart kunst, zegt men, dus vlijtig begon ik op mijn werk het bord vol te krijten. Toen ik me vervolgens omdraaide, staarden drie paar grote ogen me aan.

"Maar juf, wij kunnen nog niet aan elkaar lezen."

Zucht.
Daar sta je je dan voor uit te sloven...

Geen opmerkingen: