Ik wil zo graag redelijk blijven. Ik weet dat ik het kan maar er zijn momenten waarop ik er simpelweg geen zin meer in heb. Hoe vaak moet ik blijven herhalen dat ik er niet op uit ben om hem een poot uit te draaien? Ik wil gewoon op een volwassen manier een probleem oplossen. Het enige wat ik verwacht is een beetje coöperatie en fatsoenlijk overleg. Kennelijk vraag ik nogal veel. Te veel. Vijfduizend euro tegenover een heel huis. Is dat onredelijk? Volgens mijn GO wel. Hij presenteert zichzelf als de kale kip waarvan je nu eenmaal niet kunt plukken.
29 juni 2008
[Een lage drukgebied boven Huize Hope]
28 juni 2008
[Een achenebbisjbank]
Je kent je vader, die wil altijd voor een dubbeltje op de eerste rij zitten en liever nog voor nop.
Dat is ook. Maar mijn moeder was van mening dat je op de eerste rij ook wel wat mag verwachten van een zit-unit. Geef haar eens ongelijk.
De paps heeft een aantal levensmotto’s. Eén van de belangrijkste is: wat je gratis kan krijgen, moet je aanpakken. Nu was het zo dat oom D een lading inboedel aan oom P gegeven had, waaronder twee bankjes en een stoel. Oom P belde mijn moeder op om te vragen of ze misschien ook een bankje wilde hebben, voor in de tuin ofzo. Toen mijn moeder de bankjes zag, riep ze enthousiast: oooh! Die zou ik nog wel in mijn huis zetten! En voor ze het wist stond het setje in haar woonkamer. Oom P was zo goed om de oude bank maar meteen naar de stortplaats te brengen en als hij toch bezig was, kon hij die lelijke IKEA-wipper net zo goed ook meenemen. Mijn moeder liet de andere wipper staan omdat ze bang was dat de schok anders te groot zou zijn voor de paps.
Tevreden keek mijn moeder naar haar nieuwe meubeltjes. Ze konden een stukje nieuwe bekleding gebruiken maar het teakhout paste uitstekend bij de rest van de inrichting en het stond zo lekker ruimtelijk. In afwachting van de paps begon mijn moeder aan het eten.
Niet veel later kwam de paps thuis. Hij zette zijn pukkel neer, opende hem en haalde er een blik cola uit. Huh, jij drinkt toch geen cola? Was mijn moeders verbaasde reactie. Nee, zei de paps, maar het was gratis en wat je gratis krijgt... Mijn moeder knikte instemmend en maakte zijn zin af. Precies. De paps schrobde zijn handen schoon en mijn moeder roerde neuriënd in de soep.
Toen liep de paps de woonkamer in. Mijn moeder hield van spanning haar adem in. Zou hij heel boos worden? Ze hoorde hem twee stappen zetten en pardoes halt houden. Heh?! Klonk het vanuit de kamer. Vind je ’t wat? Vroeg mijn moeder, die naast hem was komen staan, voorzichtig. Ja, het heeft wel wat, heel... ruimtelijk. Mijn moeder liet van verbazing haar onderkaak zakken. Ouwe scharrelaar! Waar heb je dat nou weer vandaan? vroeg de paps. Ehm, ja, laat ik het zo zeggen: het was gratis en wat je gratis kan krijgen... De paps moest lachen. Goedzo Liedje, je begint het te leren.
26 juni 2008
[Na regen komt soms nog een bui]
Sluit ik mijn ogen, dan zie ik Kandinskyaanse taferelen. Dat is hoe mijn hoofd er van binnen uitziet: een grote kleurrijke chaos. Er moeten bergen verzet worden en ik wil wel maar ik kan niet. Zo moe. Tranen prikken maar vertikken het zomaar te stromen. Langzaam druppelt mijn emmertje vol en nauwelijks merkbaar sijpelen dunne straaltjes over de rand. Ik rommel en ik rook maar barst niet uit.
19 juni 2008
[Bad karma]
18 juni 2008
[The sky then breaks up into different shapes]
I woke up and instantly regretted it.
16 juni 2008
[No one said it would be easy]
Hoewel mijn baas me van harte heeft aanbevolen te genieten van mijn laatste weekjes op de Vlindertuin lijkt het of ik het drukker heb dan ooit en ik voel me eigenlijk eerder gespannen dan in staat ergens van te genieten. Ik merk dat ik onbewust een hele smoezenkraam heb opgezet om mijn drukmakerij goed te praten en heb mezelf daarbij een beetje weggecijferd. Natuurlijk, mijn collega’s hebben het druk en genoeg andere dingen aan hun hoofd (bruiloften, problemen met de kinderen, geheime sollicitaties) maar vandaag drong het ineens tot me door dat ik aan mijn eigen leven ook al tijden een hele kluif heb. Ik heb na tien jaar een relatie die al maanden op springen stond beëindigd, ik ga wisselen van baan, ik ben een verhuizing aan het regelen, ik heb een nieuwe vriend die niet om de hoek woont. Het is dus niet vreemd dat de taken die ik normaal gesproken als een welkome aanvulling op mijn werk beschouwde, nu massa’s energie vreten. Ik moet nog zoveel doen en regelen voor ik vertrek en het feit dat mijn collega’s toch wel enige spanning ervaren omtrent mijn vertrek, maakt het er niet makkelijker op dingen los te laten en af te sluiten.
15 juni 2008
[Aftellen]
Het had zelfs de laatste dag nog gevoeld alsof het een eeuw zou duren tot het moment dat ik mijn OVA weer zou zien. Ik blijf het wonderlijk vinden hoe je iemand zo kunt missen dat je er helemaal ontregeld van raakt. Dat constante, zeurderige gevoel dat er iets essentieels ontbreekt. Een gevoel dat maar niet weggaat, zoals wanneer je ontiegelijke dorst hebt maar niets te drinken. Het is zo erg dat ik in Istanbul zelfs heimwee had, iets waar ik nooit eerder last van gehad heb (behalve die keer dat ik op vakantie was in Aywaille, waar het prachtig was maar ik niet kon genieten of ontspannen vanwege ingewikkelde relationele perikelen en ik stiekem zo naar huis verlangde dat ik er ziek van werd en zodoende de hele kampeerbende in de auto gemikt heb en rechtsomkeert maakte). Heel vervelend, maar ergens ook wel fijn want bevestigend. Toen eindelijk de trein arriveerde heb ik mijn OVA de eerste tien minuten niet losgelaten. Thuis is in zijn armen.
[Je tijd vooruit zijn]
Pa: Da’s een hele ouwe, 1914, uit Zweden.
Wen: Hebben wij daar familie dan?
Pa: Nee joh, die komt gewoon uit De stad Rome.
Wen: Dat restaurant in Warmond?
Pa: Ja. Ik zag hem hangen en ik vond hem mooi, dus ik dacht: die neem ik mee. Toen zat ‘ie ineens onder mijn arm…
OVA: Dus feitelijk had jouw pa al een mobiele telefoon voordat ze bestonden? Doet ‘ie goed.
9 juni 2008
4 juni 2008
[Scheiss Tiere!]
Hallo dan. Sommige mensen vallen ten prooi aan nietmachines (don't ask, ik was het niet). Kan ons allemaal gebeuren. Ik weet niet precies waar ik afgelopen weekend door aangevallen ben maar het was waarschijnlijk een Duitse sluipvlieg die er nog niet van op de hoogte gesteld was dat de oorlog voorbij is en het nodig vond om zijn zaagkaken in een mogelijk vijandig doelwit, zijnde mijn lijf, te zetten. Een Brems die heel niet wist waar de rem zat. Heel fijn.
Loving nature doesn’t mean it’ll love you back. Mijn OVA’s mama is 76 geworden. Een hele leeftijd die helaas de nodige gebreken met zich meebrengt. Omdat ze in haar eentje niet veel meer uitstapjes maakt dan naar de winkel, het ziekenhuis of de kerk, besloten we haar uit wandelen te nemen in het bos waar ze vroeger vaak kwam om daarna in een oude molen een hapje te eten. Schnitzel, jah. En ijsjes. Mijn OVA had goede zin, zijn mama straalde van geluk en het was prachtig weer. Zo mooi om te zien hoe ze samen hand in hand liepen te keuvelen en herinneringen ophaalden. Beetje jammer dus dat ik zelf in een half uur tijd ongeveer vijfentachtigduizend keer moest niezen, mijn ogen nog net niet uit de kassen plopten van de jeuk, zich allerhande bronchiospastische benauwdheidstoestanden voordeden en mijn neus niet meer zonder zakdoek kon. Hooikoorts en niet zo’n beetje ook. Natuurlijk had ik wel door dat er allerlei ongedierte om me heen zoemde maar ik had het te druk met sniffen en snuiten om die ellendelingen van me af te slaan. Zodoende het bijtincident.
Begon met twee jeukplekjes die 's avonds begonnen op te zwellen. De volgende ochtend waren die plekjes uitgegroeid tot twee enorme keiharde gezwellen die in de loop van de dag vuurrood werden en behoorlijk zeer deden. Aan het eind van de dag kon ik mijn arm en been niet meer buigen en waren de ledematen twee keer zo dik als normaal. Ik had geprobeerd: koude kompressen, prrrikweg, antihistamine. Hielp niks. Misschien toch maar even naar de dokter.
"Wat is er loos?"
"Ik heb een wat uit de kluiten gewassen muggenbult ofzo. Twee stuks zelfs."
Ik wees. De dokter keek, schrok zich kapot (hij keek alsof ik de builenpest had – uncleeaaan! – noujazeg) en verklaarde mijn omschrijving tot understatement van het jaar. Had 'ie nog nooit gezien. Toen ik zei dat ik morgennacht naar Turkije ga, raakte hij half in paniek (altijd geruststellend). Turkse artsen, dat moest ik niet willen. Mijn idee.
Diagnose: heftige allergische reactie met een infectie er bovenop (dat monster had met zijn ongeschrobde bakkes een hap uit mijn arm en been geknaagd). Ik ga niet dood maar amputaties zijn onvermijdelijk. Grapje. Actie: ontstekingsremmende zalf en een stootkuur van corticosteroïdenhormonen. Morgen terug komen voor verdere inspectie en antibiotica. Ik mocht blij zijn dat ik niet recht in een ader gebeten was want dat had ik waarschijnlijk niet kunnen navertellen. Weet ik dat ook weer.
Maargoed. Woensdagnacht met de Angels naar Konstantinopel. Gezwellen of niet, ik ben d'r klaar voor. Hammam; here we come!
2 juni 2008
[Over uitvliegen en nestjes bouwen]
Omdat ik donderdag al naar Sittard was vertrokken, bracht ik de vrijdag in mijn eentje door bij mijn OVA thuis. Vanaf augustus zal dit ook mijn ‘thuis’ zijn en het is goed om dit gevoel nu al langzaam op te bouwen. Het voelt namelijk best vreemd om bij iemand in te trekken. Ik heb bijna tien jaar samen gewoond en altijd alle vrijheid gehad om het huis naar mijn eigen smaak en inzicht in te richten. Mijn leefomgeving is belangrijk voor me, het heeft veel invloed op mijn gemoed. Van rommel word ik onrustig en chaotisch, van viezigheid word ik chagrijnig. Mijn ex heeft nooit veel om dit soort dingen gegeven. Hij heeft me de meubels, de vloer, de verlichting, de kleuren van de muren laten uitkiezen. Hij liet het aan mij over om alles een plekje te geven. Dit huis getuigt van mijn smaak. Ook de mate van schoon- en opgeruimdheid is afhankelijk van mij. Mijn ex kan probleemloos leven in een zwijnenstal terwijl ik daar gillend gek van zou worden. Hij zou het dan ook niet in zijn hoofd halen om zelf een poets- of ruimsessie te initiëren. Nu ik bijna ga verhuizen, merk ik pas hoe moe ik er eigenlijk van ben om altijd maar alles zelf te moeten beslissen en alleen te moeten doen. Dat ik de enige ben die iets om de leefbaarheid of sfeer in dit huis geeft. Ik kan me nog tot weinig dingen zetten in dit huis omdat ik er simpelweg het nut niet van inzie.
Bij mijn OVA zal alles anders zijn. Natuurlijk is zijn huis al ingericht maar het fijne is dat hij er samen met mij iets van wil maken als ik bij hem kom wonen, zodat het ‘ons nestje’ wordt en ik me daar net zo thuis zal voelen als hij. Ik neem wat meubeltjes mee, zoals de eethoek. Die heeft mijn ex nog nooit gebruikt en die van mijn OVA heeft zijn beste tijd wel gehad. Vorige week hebben we twee nieuwe fauteuils gekocht. Ik vind het leuk om samen winkeltjes af te struinen en te shoppen voor onze uitzet of te mijmeren over hoe we het graag willen.
Er staat ons een verbouwing te wachten en hoewel ik een gruwelijke hekel heb aan rotzooi, ontregeling van de dagelijkse gang van zaken en vreemde lui in huis, kijk ik er toch erg naar uit. Het zal voor ons allebei nieuw zijn en het is een prima aanleiding om samen het een en ander op te knappen. Er komt bijvoorbeeld een nieuwe keuken, iets waar ik me nu al op verheug. Zijn keuken is altijd al een van mijn favoriete leefruimten geweest en ik breng er dan ook veel tijd door. Ik heb echt zin om er samen iets moois van te maken. Voor het eerst in mijn leven ben ik helemaal niet bang dat ik in mijn eentje voor een grote berg klustratie kom te staan. Mijn OVA is handig, grondig, gemotiveerd en vindt het leuk om mij erbij te betrekken. Ook komt er een nieuwe badkamer met, als ik de geruchten mag geloven, een heus ligbad. Jawel. Zo luxe heb ik het in mijn hele leven nog niet meegemaakt. Natuurlijk moet ik het eerst allemaal nog zien gebeuren voordat ik het geloof maar het vooruitzicht stemt me vrolijk (hier ga ik uiteraard op terug komen op het moment dat ik midden in een grote puinbende zit te frusten omdat ik het beter meen te weten dan de een of andere pruts-Pool of gemeente-idioot maar me desondanks niet met het werk mag bemoeien).
De vrijdag dus rustig in mijn uppie wat in huis gerommeld. Het is leuker om te poetsen wanneer je weet dat het gewaardeerd wordt. De kale man maakte er zelfs een opmerking over toen hij thuis kwam, dat is me in de afgelopen tien jaar niet gebeurd. Het is sowieso helemaal nieuw voor me om samen te wonen met propere, praktische mannen. Mijn verbazing was dan ook groot toen ik het verontrustende bericht kreeg dat mijn OVA zijn beurs kwijt was, dat is niks voor hem. Ik heb het hele huis afgezocht maar tevergeefs. Aangezien we de avond ervoor op een terrasje wat hadden gedronken, redeneerde ik dat hij zijn beurs best eens daar verloren kon hebben maar ook het café had niets gevonden. Mijn ex raakte regelmatig dingen kwijt. Drie keer heeft hij zijn portemonnee verloren met alle gevolgen van dien, tot dreigbrieven van deurwaarders aan toe. Met die ellende in mijn achterhoofd ben ik op het politiebureau aangifte van vermissing gaan doen. Better safe than sorry. Toen ik mijn compleet gestreste OVA luid foeterend aan de telefoon had, veranderde het voorhoofd van de toch al verwarde oom agent in een grote frons. Of ik speciaal uit Leiden kwam om voor een scheldende kerel aangifte te doen op een bureau in Sittard, dan moest ik wel heel veel om hem geven of knettergek zijn.
Mijn OVA lijkt in sommige opzichten veel op mij, vandaar dat ik precies begreep waarom hij zich zo opfokte en precies om die reden kan ik meestal vrij goed aanvoelen hoe ik op zo’n moment met hem om moet gaan. Gelukkig bleek ik uiteindelijk met mijn neus gekeken te hebben en vond hij de beurs terug tussen de leuning en de zitting van zijn stoel waardoor de sfeer aanzienlijk opklaarde. We zijn op de fiets gestapt en naar Tüddern gereden om in een klein, kneuterig Italiaans eethuisje vlak over de grens pizza te eten. Nothing fancy maar misschien juist daarom wel zo knus. Ik kan niet uitleggen hoe heerlijk het is om samen van hele simpele dingen te genieten. Soms voel ik me zo gelukkig dat ik puur uit verliefdheid geen woord of hap door mijn strot krijg. Die momenten zijn er in overvloed en ik koester ze stuk voor stuk.

