Hoewel mijn baas me van harte heeft aanbevolen te genieten van mijn laatste weekjes op de Vlindertuin lijkt het of ik het drukker heb dan ooit en ik voel me eigenlijk eerder gespannen dan in staat ergens van te genieten. Ik merk dat ik onbewust een hele smoezenkraam heb opgezet om mijn drukmakerij goed te praten en heb mezelf daarbij een beetje weggecijferd. Natuurlijk, mijn collega’s hebben het druk en genoeg andere dingen aan hun hoofd (bruiloften, problemen met de kinderen, geheime sollicitaties) maar vandaag drong het ineens tot me door dat ik aan mijn eigen leven ook al tijden een hele kluif heb. Ik heb na tien jaar een relatie die al maanden op springen stond beëindigd, ik ga wisselen van baan, ik ben een verhuizing aan het regelen, ik heb een nieuwe vriend die niet om de hoek woont. Het is dus niet vreemd dat de taken die ik normaal gesproken als een welkome aanvulling op mijn werk beschouwde, nu massa’s energie vreten. Ik moet nog zoveel doen en regelen voor ik vertrek en het feit dat mijn collega’s toch wel enige spanning ervaren omtrent mijn vertrek, maakt het er niet makkelijker op dingen los te laten en af te sluiten.
Het is fijn om te weten dat ik gemist zal worden, zowel als medewerker als als persoon, maar ik ben niet onmisbaar. Toch voelt het een beetje ongemakkelijk dat ik er zelf nog helemaal in zit terwijl de rest zich druk maakt om mijn vervanging en hoe het zonder mij verder moet. Bij elke stap heb ik moeten slikken. Het versturen van mijn ontslagbrief, de grote boodschap aan collega’s en ouders, het overdragen van mijn taken, het zien van de vacature. Morgen komt er een sollicitant meedraaien op de groep en ook daar heb ik het stiekem wel een beetje moeilijk mee. Van alles wat ik opgeef en achterlaat, valt mijn vertrek bij de Vlindertuin me het allerzwaarst.
Toch ben ik wel blij dat ik de eerste van ons team ben die vertrekt want ik weet dat het rommelt en ik zie het wel gebeuren dat er binnen afzienbare tijd meer meiden opstappen. Het werk is ontzettend leuk maar eigenlijk zijn we er te hoog voor opgeleid. We zijn zo lang blijven hangen omdat we een superleuk team hebben, niet omdat we de bso als ambitieplafond zien en al helemaal niet voor het salaris. Het opgeven van mijn baan is echt het grootste offer dat ik maak. Niet alleen omdat ik slechts een klein contract kon krijgen en dus nog minder ga verdienen dan ik al deed (wat financiële afhankelijkheid betekent) maar ook omdat ik me soms rot en beschaamd voel om het feit dat ik veel meer zou kunnen. Dat ik in plaats van eindelijk iets hogerop te komen weer een stapje terug moet doen en in eenzelfde functie weer helemaal opnieuw moet beginnen. Daarbij moet ik mijn redactiewerk opgeven. Het schrijven voor de pedagogische krant. De hobby waar ik eindelijk mijn werk van heb kunnen maken en wat ik met zoveel plezier deed. Morgen begin ik met pijn in mijn hart aan mijn laatste artikel.
Afscheid nemen is niet mijn ding. Ik ben het type dat dit onderwerp tot het laatste moment obstinaat ontwijkt, zich groot houdt op het moment suprême en vervolgens thuis een potje gaat zitten janken. Ik regel mijn zaakjes en laat mijn emoties thuis. Ik laat het niet zo merken maar het is te groot om in één hap door te slikken, daarom probeer ik het voor mezelf passabel te maken door de zure appel in kleine stukjes weg te werken. Het kost veel tijd om persoonlijke gesprekken te voeren in plaats van een algemene brief te verspreiden maar het voelt goed zo. Dit is mijn manier om de aanloop naar de grote sprong te maken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten