22 januari 2006

[Schoenmaker blijf bij je leest]

Het moest er natuurlijk een keer van komen en u heeft zonder twijfel het moment af zitten wachten dat ik mezelf van een geweldige stroomstoot zou voorzien. Geen paniek: uit het feit dat ik dit schrijf kunt u concluderen dat het hier niets dodelijks betreft. Ik heb er geen kruimel kaas van gegeten, van zaken die de elektriciteit betreffen. Dat zijn zaken die mij de pet te boven gaan, de spreekwoordelijke variant dan want zelf draag ik geen petten. Heeft u mij recentelijk een pet zien dragen? Dat dacht ik niet. Ik heb daar geen hoofd voor. Ik heb sowieso geen hoofd voor dergelijke accessoires; petten, hoeden, zonnekleppen, mijters, tulbanden, noem het maar op. Geen pan. Een hoofddoekje, daar zou ik me dan nog iets bij kunnen voorstellen maar sinds ik bejaard noch moslima ben en we ook niet meer in de eerste helft van de vorige eeuw leven, wat ik in bepaalde opzichten zeg maar rustig betreurenswaardig vind maar dat is dan weer een heel ander verhaal, zou dat als een tiet op een tafel slaan. Ja. Hoe langer ik erover nadenk, hoe minder ik me er een voorstelling bij kan maken die mij niet op de lachspieren werkt. Die hoofddoek gaat 'm ook niet worden.

Beter had ik een valhelm kunnen dragen. Of het me nu sierde of niet, ik had me op die manier een flinke buil op de knijter kunnen besparen. Maar dat is achteraf gepraat want als hadden komt is hebben geweest en het heeft zoals we allemaal weten geen zin om te jeremiëren om geknoeide melk. Dat vind ik een mooi gezegde, heel treffend. Zelf jammer ik alleen om ongeknoeide melk. Daar heb ik zo mijn redenen voor maar u moet niet denken dat ik die hier zomaar uit de doeken zal doen. Er zijn grenzen.


Een ieder die mij kent weet dat ik soms een klein beetje koppig ben. Dat dit niet geheel los van risico's is, is mij inmiddels welbekend. I walk on the wildside, I laugh in the face of danger: muhahaha! U zou het misschien niet direct achter mij zoeken, maar zo'n dwaas ben ik soms. Dat u die verhouding wel even in ogenschouw neemt. De waarheid gebiedt mij te bekennen dat dit meestal resulteert in wat ik 'mijn mindere momenten' noem maar een mens moet zo nu en dan eens plat op de bek gaan. Dat houdt hem wakker. Dat levert hem een leermoment op en dan kan hij met recht zeggen: "bij Jupiter (of welk belangwekkend figuur dan ook), ik leef!". Mits hij de gevolgen van zijn eigen koppigheid overleeft natuurlijk. Noem het een uitdaging.

De man zou mijn juweeltje van zwart organza wel even op het lichtnet aansluiten. Het ding was me echter dierbaar vanaf het moment dat ik het aanschafte dus dat dacht ik even niet. Met de nadruk op even want ik meen me te herinneren dat ik niet langer dan twee minuten met die lamp op mijn keukentrap gestaan heb. De man deed er niet moeilijk over en gaf de klus gewillig uit handen. Hij is wel zo modern dat hij niet denkt in termen van mannenwerk. Wel in termen van vrouwenwerk. Zijn hart zou er goed voor zijn maar ook hij heeft zijn grenzen en die liggen spijtig genoeg nog vóór het uit eigen beweging kuisen van het toilet of het lappen van de ruiten.

Met de lamp in mijn linkerhand en een schroevendraaier in de rechter beklom ik dapper mijn trappetje. Driemaal is scheepsrecht, zegt men. Eerder had ik al twee flaters geslagen en deze keer was ik vastbesloten de lamp hangend en lichtgevend te krijgen. Als je ergens aan begint, wil het wel eens helpen erop te vertrouwen dat een zekere kans van slagen aanwezig is. Hoe was het ook alweer? Bruin, blauw, zwart, rood. Inprikken en vastdraaien, appeltje eitje. Jaha. Maarrr...

De man stond erbij en keek ernaar en hield zijn kaken op mekaar. In al mijn enthousiasme was ik vergeten eerst de stroom van de draadjes te halen. Ik heb me dat dus altijd afgevraagd, hoe het precies voelt wanneer je een goeie stoot stroom door de kladden gejaagd krijgt. Een verstandig mens staat 's ochtends niet op met het voornemen vandaag eens een auto-elektrocutiesessie uit te voeren in het kader van de ervaringsleer. Zoiets overkomt je bij toeval. Ik noem het nu toeval, je kunt het evenwel een blunder noemen.

Ik weet niet eens wat ik precies deed want zoals ik al schreef, van elektriciteit heb ik een niet noemenswaardige hoeveelheid kennis, maar voordat ik goed en wel kon beseffen wat ik fout deed, schoot er zo'n hoeveelheid elektriciteit door me heen dat ik van schrik een ijzingwekkende gil slaakte en opsprong, mijn kop tegen het plafond stootte en zo de zwaartekracht het nu eenmaal altijd wil wanneer je omhoog springt, donderde ik kort daarop neerwaarts en belandde ik met een smak op de grond en mijn lamp erbij. Schokkend! Maar uiteindelijk is het wel gelukt (de aanhouder wint) en bij deze is de eerste stap richting sfeer in mijn eigen kamertje gezet.

Geen opmerkingen: