“Vier punt één hoeft niet aan.”
Hij negeert haar opmerking en richt al zijn aandacht op de crèmekleurige afstandbediening in zijn hand. Ik vraag me af bij welke hippe gadget die nu weer hoort. Het is zo’n beetje de gewoonte geworden dat me bij elk bezoek een gloednieuwe moderniteit (dit gaat van volautomatische roestvrijstalen melkopschuimers tot achtpersoons bubbelbaden) wordt gepresenteerd, dus ik wacht vol spanning op dat wat komen gaat. Zelf kom ik uit een tamelijk conservatief arbeidersgezin waarbij een magnetron al een grote mate van argwaan plus daarmee samenhangende weerstand opwekt maar dit is een heel andere wereld.
“Vier punt één hoeft niet aan” herhaalt ze, elk afzonderlijk woord nu overdreven articulerend en de pauzes tussen elk woord net iets langer aanhoudend dan normaal wat de zin een onnatuurlijk karakter geeft. Het is vergeefse moeite: hij is vastberaden zijn nieuwste aanwinst te demonstreren.
“Ah! Hebbes!”
Hij drukt een knopje in; vier punt één. Er klinkt een knal, er schiet een vonk omhoog en daarna wordt de kamer gevuld met rook. Verrassend spectaculair, vond ik.
“Kut met peren!”
Dat was vier punt één. Een fraai vormgegeven schemerlamp in exact dezelfde kleur als de afstandbediening.
“Ik zei toch, vier punt één hoeft ni…”
“Ach mens krijg wat!”
“Laat nou zitten dat lampje, straks brand je je vingers nog!”
Eigenwijs als hij is, pakt hij het lampje vast waarna hij een verwrongen gezicht trekt.
“Ik zei toch…”
De rest van de zin slikt ze wijselijk in. Tussen duim en wijsvinger houdt hij een lampje dat zijn fitting mist. Geamuseerd kijk ik toe hoe de goede oude man zijn vingers nog meer geweld aandoet door de fitting bij zijn scherpe rand vast te pakken om hem uit de houder te peuteren. Ik zwijg, met in mijn achterhoofd een wijze raad van Dr. Gray: Wanneer u een man ongevraagd van advies dient, gaat u er in zijn ogen vanuit dat hij niet weet wat hij doet of dat hij het zelf niet kan. Een man is tevreden wanneer hij een probleem tot in de kleinste details kan oplossen. De grootste angst van een man is dat hij niet goed genoeg of onbekwaam is. Een man gaat langzaam dood als niemand hem nodig heeft.


Geen opmerkingen:
Een reactie posten