25 maart 2007

[Waterschade]

Zo bulderen de pompen dat de fundering ervan trilt. Een waterleiding breekt en zet het huis blank. Plotseling trilt de lucht hevig en daarop volgt de afwezigheid van geluid. Ik sta tot aan mijn enkels in het water en prevel plechtig mijn les als was het een gebed. De eis van de geest voert tot antilichamelijkheid. De zinnen poneren zich als protest, een zelfstandige macht, een oproer tegen de geest. Het ontkende lichaam keert beiden de rug toe. Dan leg ik het in het water te ruste.

Ikzelf ben het zilte nat waarin ik eindeloos zwem en zink en ik ben het ondulerend water waarin ik maar niet verdrink.

Geen opmerkingen: