Elke keer als ik lig te creperen op de bank spoken de woorden van de dokter door mijn hoofd: dit gaat nooit meer over, leer er maar mee leven.
Nee! Denk ik dan. Nee! Nee! en nog eens Nee! Ik accepteer het niet. Liever koppig dan kapot.
Verschillende mensen hebben me het afgelopen jaar aangeraden naar een osteopaat te gaan.
“Een osteopa-haat?” vroeg ik dan, “die doet toch iets met botten?”
Wist ik veel.
Na wat speurwerk ontdekte ik dat osteopaten een soort wonderdokters met gouden handen zijn die wel honderd verschillende chronische klachten kunnen verhelpen. Ook PDS.
Ik las: aan darmklachten liggen vaak verklevingen van ophangstructuren van organen of verminderde aansturing van de darmen door zenuwen vanuit de wervelkolom ten grondslag.
Kleverige ophangstructuren, daar had ik de weledelgeleerde heren doktoren nog nooit over gehoord. Ik had er überhaupt nog nooit van gehoord maar blijkbaar bestaat dat dus en misschien heb ik er wel last van. Er was maar één manier om erachter te komen.
De osteopaat was gelukkig geen oude snorremans met een bril op het puntje van zijn neus en een groot kruis aan de wand achter zich. Daar ben ik altijd bang voor omdat mijn vorige huisarts zo iemand was. Zo’n mannendokter die niks van vrouwendingen snapt. De osteopaat was een jonge vrouw met een vriendelijke uitstraling en een hippe praktijk. En, niet onbelangrijk voor de opperkoukleum die zich al zag vernikkelen zonder kleren, vloerverwarming!
Eerst bespraken we de formulieren die ik van tevoren had ingevuld. Een hele waslijst: welke kinderziektes en vaccinaties, welke operaties en medicijnen, welke therapieën en mijn complete chronologische kwalengeschiedenis. Een half uur later moest ik me uitkleden.
Wat ongemakkelijk ging ik voor de osteopaat staan. ‘Ongemakkelijk’ omdat ik het idee had dat ik een bepaalde pose moest aannemen waarin ik eruit zag alsof ik het doodnormaal vond om me door een vreemde te laten observeren in mijn blote ondergoed. Eigenlijk had ik er helemaal geen probleem mee maar ik was bang dat zij zou denken dat het wel zo was dus ik wilde het tegenovergestelde uitstralen maar omdat ik niet zeker wist hoe ik dat moest doen, zag het er alsnog ongemakkelijk uit. Vandaar. In mijn hoofd bevinden zich rare kronkels.
“Tjee, jij bent niet echt symmetrisch hè?”
Nope. Ik had haar al gewaarschuwd. Mijn ene been is korter dan mijn andere been, daardoor staat mijn ene heup lager en mijn ribbenkas heeft ook een architect van likmevestje gehad.
“Naar voren bukken, naar achteren strekken, naar links, en nu naar rechts en kom maar weer rechtop staan.”
Ditzelfde ritueel moest ik zittend op mijn knieën herhalen en daarna zittend op een bankje. De osteopaat schudde me aan mijn schouders heen en weer en zette streepjes langs mijn wervelkolom. Toen moest ik op mijn buik liggen en vervolgens op mijn rug om mijn benen alle mogelijke kanten op te duwen. Ik stond versteld van mijn eigen lenigheid.
Het laatste onderdeel was het meest vreemde. Eerst begon ze me op allerlei plekken te knijpen en moest ik de pijn een cijfer geven. Daarna duwde ze op mijn ingewanden, naast mijn ingewanden en onder (ja echt! Ze schepte met haar hand als een soort lepeltje zo alles omhoog!) mijn ingewanden. Daarmee was het onderzoek klaar.
“En?” vroeg ik vol spanning. Ik kon me niet voorstellen dat ze naar aanleiding van dit alles iets bijzonders en, nog belangrijker, iets behandelbaars had gevonden maar ik was reuze benieuwd.
“Nou, kort samengevat: het sigmoideum zit vast en je linkereierstok ook. Je bekken, je heiligbeen en je onderste lendenwervel staan scheef. De zenuwen die op dit punt de wervelkolom in gaan worden belemmerd.”
Ik keek haar met grote ogen aan.
“En mijn ophangstructuren dan? En de verklevingen?”
De osteopaat lachte. “Ik ga eerst je organen vrij maken, dan kijken we naar de rest.”
“Dus ehm, het kan zomaar zo zijn dat je mijn klachten kan laten verdwijnen?” vroeg ik.
“Ik ga mijn best voor je doen, bij het grootste deel van de patiënten behaal ik zeer positieve resultaten. Je mag je weer aankleden hoor.”
Ondanks het beurse gevoel in mijn buik liep ik tevreden naar buiten. Wat nou 'leer er maar mee leven'? Wat zou ik tegen de dokter zeggen als ik hem weer zie? Die trekt mijn bezoek aan de osteopaat vast meteen in twijfel. Maar ik ben nu eenmaal koppig. Daar moet híj maar mee leren leven.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)


1 opmerking:
Ik ben eergisteren ook voor 't eerst naar de osteopaat gegaan wegens rugklachten en PDS.
Ik ging zitten en hij begon aan allerlei dingen te trekken en te draaien om vervolgens het 1 en ander op te schrijven.
Door de beweging in mijn pols kon hij constateren dat mijn maag niet goed meedraait tijdens het verwerken van eten.
Met enig ongeloof heb ik zitten luisteren maar het klopte allemaal wel wat hij zei.
Echt... bizar!
Een reactie posten